Soms moet je juist weg van de grote monumenten om het mooiste van Parijs te ontdekken. Tussen Pigalle en Notre-Dame-de-Lorette laat het 9e arrondissement een bijna onaangetast 19e-eeuws Parijs zien: neoklassieke herenhuizen, straten waar Chopin, George Sand en Gustave Moreau woonden, caféterrassen op geplaveide pleinen en als slotstuk de Rue des Martyrs. Een wandeling van twee uur, volledig te voet, vanaf het Hôtel R de Paris.
Etappe 1 — Place Pigalle: het vertrekpunt
Loop vanaf het hotel naar Place Pigalle — ongeveer 8 minuten te voet via de Rue de Clichy. Het plein vormt het kruispunt tussen het 9e en het 18e arrondissement, tussen bohème en handel, tussen gisteren en vandaag. Op nummer 9 bevond zich ooit het Café de la Nouvelle Athènes, een ontmoetingsplek voor Toulouse-Lautrec, Manet, Renoir, Degas, Maupassant en Zola. Het was in dit café dat Edgar Degas zijn schilderij L'Absinthe maakte met twee vrienden als model.
De Playground Duperré is een kleine omweg waard: dit kleurrijke basketbalveld, ingeklemd tussen twee gebouwen in de Rue Duperré, is een van de opvallendste fotoplekken van de wijk.
Etappe 2 — South Pigalle (SoPi): het 9e van nu
Wanneer je vanuit Pigalle naar het zuiden loopt, kom je door de wijk die Parijzenaars tegenwoordig SoPi noemen — South Pigalle. Cocktailbars, natuurwijnbistro’s, vintagewinkels, hippe restaurants. Dit is het meest eigentijdse gezicht van het 9e arrondissement, op een paar stappen van het historische Nouvelle Athènes. De Rue Pierre Fontaine, Rue Victor Massé en Rue Jean-Baptiste Pigalle concentreren het grootste deel van de levendigheid. Kom je hier rond aperotijd voorbij, dan liggen meerdere adressen uit de selectie van het hotel in deze buurt.
Etappe 3 — Nouvelle Athènes: het romantische Parijs
Wanneer je weer naar het oosten gaat, kom je in het historische hart van de wijk: de Nouvelle Athènes. Al aan het begin van de 19e eeuw, nog vóór het gebied volledig was bebouwd, lieten projectontwikkelaars en architecten hier villa’s en herenhuizen bouwen in Italiaanse en Griekse stijl — vandaar de naam. De wijk trok al snel de artistieke en literaire elite van de Parijse romantiek aan: Chopin, George Sand, Victor Hugo, Eugène Delacroix, Gustave Moreau, Claude Monet…
Wandel door de Rue Chaptal: op nummer 16 bevindt zich het Musée de la Vie Romantique in het voormalige huis van schilder Ary Scheffer. Een gedenkplaat op nummer 11 bis herinnert eraan dat Serge Gainsbourg hier in zijn jeugd woonde. Even verderop vermeldt een andere plaquette dat Louis de Funès, toen nog jazzpianist, aan het begin van de straat in een cabaret optrad.
Op twee minuten lopen hiervandaan leidt de Rue de La Rochefoucauld naar het Musée Gustave Moreau (nr. 14), het woonatelier van de symbolistische schilder, bewaard zoals het in 1898 was, met 25.000 werken en de beroemde wenteltrap. Een onmisbare stop als je het nog niet bezocht hebt.






